Vlooien bij hond of kat: zo kom je er echt vanaf
Je ziet één vlo en denkt: valt mee. Maar op elke volwassen vlo op je huisdier zitten er tientallen eieren, larven en poppen in je huis. Alleen het dier behandelen is daarom dweilen met de kraan open. Met dit stappenplan pak je dier én omgeving in één keer goed aan.
Waarom vlooien zo hardnekkig zijn
Slechts zo'n 5 procent van de vlooienpopulatie — de volwassen vlooien — zit op je dier. De overige 95 procent leeft als ei, larve en pop in tapijten, kieren, de mand en de bank.
Poppen kunnen maandenlang inactief blijven en komen pas uit bij warmte en trillingen. Daardoor lijkt een plaag soms weg en steekt hij weken later weer de kop op.
Stap 1 — Behandel het dier
Gebruik een middel dat past bij soort en gewicht: pipet, tablet of band. Behandel álle huisdieren in huis tegelijk, ook de kat die "nooit naar buiten gaat".
Gebruik nooit een hondenmiddel op een kat: sommige stoffen (zoals permethrine) zijn giftig voor katten. Lees altijd het etiket en houd je aan de dosering per gewicht.
Stap 2 — Pak de omgeving aan
Was manden en dekens op minstens 60°C, stofzuig grondig (ook kieren en onder meubels) en gooi de stofzuigerzak weg. Een omgevingsspray doodt larven en eieren die achterblijven.
Het trillen van de stofzuiger lokt poppen uit hun cocon, waarna ze gevoeliger zijn voor bestrijding. Stofzuig daarom een paar dagen achter elkaar.
Stap 3 — Blijf preventief behandelen
De cyclus duurt weken; herhaal de behandeling volgens de verpakking. Jaarrond preventie voorkomt dat het opnieuw begint.
Zet de volgende behandeldatum meteen in je agenda of watchlist. De meeste terugkerende plagen ontstaan doordat een dosis wordt overgeslagen.
Vlooien en gezondheidsrisico's
Vlooien kunnen lintworm overbrengen en bij een flinke besmetting bloedarmoede geven, vooral bij jonge kittens en puppy's. Ontworm daarom mee als je een vlooienplaag hebt gehad.
Zet deze gids meteen om in actie.
Zet een herinnering in de watchlistDeze gids is algemene informatie, geen diervoedings- of medisch advies. Twijfel je of gaat het niet beter? Raadpleeg altijd je dierenarts.